
Glas wordt gemaakt van zand, soda en kalk. Deze materialen worden verhit tot 1500 graden Celcius en dan wordt het glas vloeibaar.
Geschiedenis
Glas is waarschijnlijk zo oud als de aarde zelf. Rond 1500 voor Christus maakten de Egyptenaren glazen kommen, sieraden en vazen. Omstreeks het begin van de christelijke jaartelling ontdekten Syrische handwerkslieden het glasblazen. De oude Romeinen begonnen met het blazen van een glas in een vorm. Ze maakten daarmee eenvoudige glazen flessen voor het vervoer van vloeistoffen, maar ook luxe versierde voorwerpen. Tot aan het einde van de middeleeuwen werd glas gebruikt voor de ramen van de paleizen, kerken en huizen van de rijken. Venetië was een belangrijk centrum voor het glasmaken. Door de industriële revolutie ging het handwerk van het glasblazen over in mechanische massaproductie van glas.
Technieken
Met verschillende technieken kan een kunstenaar van glas een kunstvoorwerp maken. Je kunt daarbij denken aan zandstralen, etsen, graveren, beschilderen, slijpen en fusing (samensmelten van stukjes gekleurd glas).
Glasfabriek
Een bekende glasfabriek staat in Leerdam. Hier wordt machinaal glas geblazen voor de industrie. Glaskunstenaar Andries Copier was er hoofdontwerper van 1914 tot 1971.