
Je kunt radioactiviteit níet zien, ruiken, horen, proeven of voelen. Je kunt het alleen meten met speciale apparatuur. Radioactieve stoffen kunnen gevaarlijk zijn, maar dat is niet altijd zo.
Radioactieve straling
Straling is het algemene woord voor energie in de vorm van bewegende deeltjes. Je kunt je dit voorstellen als golven of pakketjes energie. Zonlicht is ook een vorm van straling. Eén van de soorten straling is radioactieve straling. Deze straling wordt uitgezonden door stoffen, waarvan de atomen aan het veranderen zijn. Zulke stoffen en atomen noem je 'radioactief'. Radioactieve straling kan andere stoffen ook weer aan het veranderen brengen, ze worden bij wijze van spreken kapot gesplitst. Voor levende wezens is dit natuurlijk erg ongezond. Bij sommige stoffen duurt het wel duizend jaar voordat het niet meer radioactief is. Maar er zijn ook stoffen waar het maar een paar minuten duurt.
Radioactieve stoffen in de natuur
Onze hele omgeving is van nature een beetje radioactief. Het voedsel dat we eten, het huis waarin we wonen, het water waarmee we ons wassen: het is allemaal radioactief. Het is dus niet zo dat radioactieve stoffen altijd schadelijk zijn. Alleen stoffen die heel erg radioactief zijn, kunnen schade aanrichten.
Gebruik van radioactieve stoffen
Radioactiviteit wordt gebruikt in kerncentrales, in de geneeskunde en in sommige gewone producten.
- In kerncentrales worden met behulp van radioactieve straling atomen gespleten. Hierbij komt veel energie vrij.
- In de geneeskunde worden radioactieve stalen gebruikt om o.a. kanker te bestrijden. De stralen vernietigen de tumor.
- Voorbeelden van toegestane “gewone” producten zijn: sommige lichtgevende wijzers in klokken, oudere rookmelders en keramische tegels.
Animatie
In tegenstelling tot wat algemeen gedacht wordt, is straling een natuurlijk verschijnsel. Het werd in 1896 ontdekt door A.H. Becquerel toen hij de fluorescerende eigenschappen van uraniumzouten bestudeerde.
We onderscheiden drie typen radioactief verval. Bij elk type verval komt een grote hoeveelheid energie vrij:
Alfastraling: de emissie van een heliumatoom.
Bètastraling (+ en -): de emissie van ofwel een elektron (bèta-) of een positron (bèta+).
Gamma-emissie: het vrijkomen van een hoogenergetisch foton
Informatie
- Leren wat de verschillende typen radioactief verval zijn.
- Begrijpen waarom vrijwel alle alfa- en bètaverval vergezeld gaan van gamma-emissies.
- Weten wat de becquerel (Bq) is: een maat voor de activiteit in een hoeveelheid radioactieve stof (aantal vervallen deeltjes per seconde).
- Aantonen dat er vormen van ioniserende straling zijn met zeer verschillende indringeigenschappen. Gammafotonen hebben sterke indringeigenschappen die worden gebruikt in de nucleaire geneeskunde.