
Wanneer ontstonden de eerste banken? En weet je welke vormen van sparen en lenen zijn er?
Graanbanken
De eerste banken bewaarden geen geld, maar graan. Dat was nog vóór de Griekse beschaving. Sinds de Grieken bewaren banken vooral geld. Banken speelden ook een rol bij het wisselen van geld. Elke stad had vroeger zijn eigen munt.
Nationale bank
Pas in de middeleeuwen kwamen in Europa banken waar mensen geld konden lenen. Deze werden opgericht door rijke mensen. Koningen beseften dat je geldzaken zelf in de hand moest houden. Er kwamen daarom nationale banken, die alleen geld mochten uitgeven (drukken). Zo kreeg elk land zijn eigen nationale munt. Die banken zijn er nog steeds. Bij ons is dat de Nederlandse Bank. Sinds 1 januari 1999 is de euro de Europese eenheidsmunt. Er is nu ook een Europese Centrale Bank.
Banken
Naast de Nationale Bank zijn er gewone banken. Deze beheren geld voor mensen en bedrijven en daar ontvangen zij rente voor. Banken gebruiken dat geld om het weer uit te lenen aan andere mensen en bedrijven. Daar vragen ze meer rente voor. Het verschil is de winst voor de bank.
Sparen
Sparen kan via verschillende rekeningen. Op een spaarrekening zet je geld opzij tegen een lage rente. Je kunt het op elk moment opnemen. Op een termijnrekening staat je geld voor een bepaalde tijd vast. Je krijgt dan wel meer rente.
Lenen
Bij het lenen heb je een schuld. Leen je van ouders of vrienden, dan maak je afspraken over het terugbetalen. Leen je geld bij een bank of andere instelling, dan moet je dat in maandelijks termijnen terugbetalen. Dat kost je extra geld: rente. Je betaalt veel rente en moet goed kijken of je dat terug kunt betalen. Er zijn verschillende soorten leningen:
- Persoonlijke lening: je spreek van tevoren af hoeveel geld je leent. De hoogte van de rente staat vast. Je weet dus hoe lang je bezig bent met afbetalen.
- Huurkoop (of leasen): je wordt dan pas eigenaar van bijvoorbeeld je scooter, als alle termijnen zijn afbetaald.
- Hypotheek: bij de bank kun je een lening sluiten om een huis te kopen. Je betaalt rente aan de bank en het huis dient als onderpand.