
Voordat je begint met onderhoud- en storingswerkzaamheden moet je je eerst goed voorbereiden. Dit doe je niet alleen door de benodigde materialen en gereedschappen te verzamelen en te controleren, maar ook door bijvoorbeeld afzettingen te plaatsen. In geval van een storing signaleer en lokaliseer je deze, onderzoek je de mogelijke oorzaken en stel je de diagnose van de storing. In geval van onderhoud controleer, vervang en repareer je (onderdelen van) transport- en distributienetten. Je zorgt ervoor dat de onderhouden / gerepareerde transport- en distributienetten weer gebruiksklaar gemaakt worden. Tenslotte ruim je de werkplek op en vul je alle benodigde formulieren in.