
Het jaar 1959. In de Nederlandse bodem wordt veel aardgas gevonden. Dat maakt Nederland een rijk land.
Wat is aardgas en wat kun je ermee?
Aardgas is net als aardolie en steenkool een fossiele brandstof. Fossiele brandstoffen zitten diep in de grond. Ze zijn ontstaan uit planten en dieren die miljoenen jaren geleden leefden. Brandstof heb je nodig om energie of warmte te maken. Machines laten we ermee werken, maar ook ons huis verwarmen we ermee.
Een grote vondst
In 1959 vond de NAM, Nederlandse Aardolie Maatschappij in de bodem van de provincie Groningen heel veel aardgas. Dat was in de buurt van het plaatsje Slochteren. Nog niet eerder was er ergens in de wereld zoveel aardgas op een plek gevonden. Deze vondst kwam op tijd want de brandstof die gebruikt werd, steenkool uit de Limburgse mijnen, begon op te raken. De NAM ging het aardgas winnen, uit de grond halen, met grote boorinstallaties. Nederlandse huishoudens konden hun huizen ermee verwarmen, ermee koken en kregen er warm water mee uit de kraan. De glastuinbouw kon met het aardgas de kassen goed verwarmen. Daardoor kon de glastuinbouw veel soorten groenten en fruit kweken. De industrie gebruikte ook steeds meer aardgas in plaats van steenkool. Ook werd het aardgas aan het buitenland verkocht. Deze energiebron maakte Nederland een rijk land.
Toekomst
Tot 2030 hebben we genoeg aardgas in de bodem van Slochteren. Maar eens zal het op zijn. De NAM heeft ontdekt dat er onder de Waddenzee ook veel aardgas zit. Maar niet iedereen vindt het een goed idee dat daar geboord gaat worden. De Waddenzee is een belangrijk natuurgebied en milieuorganisaties willen niet dat de natuur in dit gebied verstoord wordt. Misschien hoeft dat ook niet en kunnen we op andere manieren energie opwekken. Bijvoorbeeld met windkracht of zonnewarmte.