
Volleybal wordt gespeeld door twee teams per wedstrijd. Het speelveld is door een net in twee delen verdeeld.
Zaalvolleybal
Zaalvolleybal is aan het eind van de negentiende eeuw bedacht door de Amerikaan William G. Morgan. Hij gaf het de naam mintonette. J. Halsted gaf het spel de naam volleybal. In het Nederlands betekent volley vlucht. Nu spelen we volleybal anders dan vroeger. Maar de bal overspelen en over het net slaan is een spelregel die toen ook al bestond. Een team krijgt een punt als de bal aan de andere kant van het net op de grond komt.
Beachvolleybal
In de jaren twintig speelden we voor het eerst beachvolleybal. Dat was op de stranden van Californië. Eerst zes tegen zes spelers, daarna vier tegen vier. Pas in de jaren dertig werd het twee tegen twee. In 1948 vond het eerste toernooi plaats. Dat was ook in Californië. Vervolgens verspreidde het beachvolleybal zich verder over de wereld. Beachvolleybal was in 1996 in Atlanta voor het eerst een olympische sport.
Het speelveld
Zaalvolleybal speel je in een sporthal. De lijnen zijn vaak al aangegeven. Het veld is negen meter breed en achttien meter lang. Precies in het midden van het veld hangt een net. Op drie meter van het net is aan beide kanten nog een lijn. Dit is de aanvalslijn of de driemeterlijn. Het is een richtlijn voor de spelers die aan het net aanvallen. De bal opslaan, mag alleen van achter de achterlijn. Je mag er niet met je voet overheen komen.