
Een eiland is een stuk land midden in water. Er is geen verbinding met het vaste land. Daardoor is er vaak een heel bijzondere planten- en dierenwereld ontstaan.
Soorten eilanden
Sommige eilanden liggen midden in een oceaan. Deze eilanden heten oceanische eilanden. Eigenlijk zijn het de toppen van bergen op de zeebodem. Andere eilanden liggen op de rand van een werelddeel. Ze horen bij een continent en heten daarom continentale eilanden. Continentale eilanden ontstaan als een laag gelegen stuk land overstroomt. Een hoger gelegen stuk land wordt daardoor afgescheiden van het vaste land.
Klimaat
Het water rond een eiland heeft veel invloed op het weer en het klimaat. Op tropische eilanden regent het iedere dag. Door de warme lucht stijgt daar veel water op, waaruit wolken en regen ontstaan. Vaak loopt er een warme of een koude stroom water (golfstroom) langs een eiland. Het wordt hierdoor warmer of kouder. Op een eiland in een oceaan waait het meestal hard. Het kan er flink stormen. In tropische gebieden ontstaan vaak orkanen die over de eilanden heen razen.
Eilandbewoners
Op eilanden die ver van de kust liggen, leven de mensen vaak nog zoals vroeger. Het leven op zo'n eiland is niet gemakkelijk. Jongeren trekken daarom vaak weg. Er zijn ook eilanden waar het leven wel heel modern is, zoals in Singapore en Hongkong. Doordat sommige eilanden zo ver van ander land afliggen, leven er vaak planten en dieren die je nergens anders ziet. Ze hebben zich op een heel andere manier ontwikkeld dan op het vaste land. De reuzenschildpad en de zeeleguaan op de Galápagoseilanden zijn een goed voorbeeld.