
De tijger is de grootste katachtige. Deze tijger voelt zich bedreigd. Hij blaast net zoals een kat. Zo jaagt hij zijn vijand weg. Aan zijn enorme hoektanden kan je zien dat hij een roofdier is.
Soorten
Tijgers zijn de grootste katachtigen. Ze leven in Azië, in verschillende soorten gebieden: regenwoud, naaldbossen, savannes, moerasgebieden. Als er maar bos is of dichtbegroeide velden. Er zijn vijf soorten tijgers. De Siberische tijger is de grootste. Dit is de soort die je in de meeste dierentuinen tegenkomt. Hij kan wel driehonderd kilo wegen. Omdat het in Siberië in de winter wel min veertig graden is, heeft hij een dikke vacht. De andere soorten leven in warme gebieden.
Jacht
Tijgers jagen 's nachts. Omdat ze zwaar zijn, kunnen ze niet lang rennen en houden ze ook niet van klimmen. Wel houden ze van zwemmen en kunnen ze goed sluipen. Tijgers kunnen prooidieren doden die twee keer zo groot zijn dan zij zelf. Ze jagen vooral op herten, zwijnen, antilopen en buffels. Ze verstoppen zich op plaatsen waar dieren komen drinken. Heel stil sluipen ze naar hun prooi en springen er van opzij of van achteren op. Hun lange staart houdt hen tijdens de sprong in evenwicht. Toch ontsnapt de prooi meestal. Slechts één op elke twintig aanvallen lukt!
Bedreigd
De tijger is een bedreigde diersoort. De afgelopen zestig jaar zijn er drie soorten uitgestorven. De Zuid-Chinese tijger is nu de zeldzaamste. Van deze soort zijn er misschien nog maar twintig! Er zijn verschillende redenen voor. Er wordt op tijgers gejaagd. Vroeger vanwege zijn vacht en omdat het stoer gevonden werd. Nu omdat er medicijnen van hun botten worden gemaakt. Het is verboden, maar gebeurt nog steeds. Ook wordt het leefgebied steeds kleiner, doordat er meer mensen komen. Hierdoor is er ook steeds minder groot wild. Tijgers hebben juist een groot jachtgebied nodig.