
De viool is het kleinste instrument uit de familie van gestreken snaarinstrumenten. Je bespeelt een viool met een strijkstok. De andere familieleden zijn de altviool, de cello en de contrabas.
Geschiedenis
De viool is omstreeks 1550 ontstaan uit de vedel, een middeleeuws strijkinstrument. De viool ziet er eigenlijk nog precies zo uit als vierhonderd jaar geleden.
Stradivarius
Een bekende vioolbouwer was Stradivarius (1644 -1737). Hij heeft meer dan duizend violen, altviolen en cello's gemaakt. Er zijn er nog een paar over! Deze zijn nu veel geld waard. Alleen beroemde (en rijke!) violisten kunnen deze dure violen bespelen.
De strijkstok
Viool spelen is onmogelijk zonder een strijkstok. De strijkstok is erg veranderd in de loop der tijd. Bij de eerste strijkinstrumenten had de strijkstok de vorm van een boog. Latere strijkstokken waren rechter. Tegenwoordig is de strijkstok naar binnen gebogen en is hij langer en buigzamer dan vroeger. De lengte van de strijkstok is verschillend. Over het algemeen geldt: hoe groter het strijkinstrument, hoe kleiner de strijkstok. De strijkstok van de viool is ongeveer 75 centimeter lang, die van de contrabas 68 centimeter.