
Rijke mensen die dood gingen aan de pest werden netjes begraven. Het lichaam ging in een koets naar de begraafplaats. Lijken van arme mensen werden vaak in een grote kuil gegooid.
Zwarte Dood
In de Middeleeuwen leefden de mensen dicht op elkaar. De huizen en de steden waren nog niet zo schoon als nu. Daarom konden mensen gemakkelijk ziek worden. Eén van de ziektes was de pest. Mensen kregen een grote zwarte buil. Daarom heet de pest ook wel de Zwarte Dood. Zieken kregen hele hoge koorts en nog meer bulten en zwarte vlekken. Er was niets te doen aan de ziekte. De zieke ging binnen een paar dagen dood. In de middeleeuwen stierven miljoenen mensen aan de pest. Nu komt deze ziekte in Nederland niet meer voor.
Zieken
Meestal werden de zieken aan hun lot overgelaten. Als je de pest had moest je in je huis blijven. Op de deur werd een grote ‘P’ geschilderd. Andere mensen waren bang om ook ziek te worden en bleven uit de buurt. Sommige dokters hadden een speciaal pak om zich te beschermen. In Nederland waren er speciale pesthuizen. Dit waren ziekenhuizen voor pestlijders. Op een bepaald moment gingen er zoveel mensen dood dat ze niet meer begraven konden worden. De lijken bleven op straat liggen. Hierdoor werden er natuurlijk nog meer mensen ziek.