
De mammoet leefde lang geleden in de ijstijd. Het was toen erg koud. De mammoet had een lange wollen vacht tegen de kou.
Slagtanden
Mammoeten waren grote beesten met enorme slagtanden. De tanden konden soms wel vijf meter lang worden! Hiermee beschermden ze hun jongen. Ook schoven ze met deze slagtanden sneeuw opzij. Zo vonden ze gras om op te eten. Mammoeten werden soms gedood door de jagers in die tijd. Deze gebruikten de slagtanden en de huid om hutten te bouwen.
Soorten mammoeten
Er waren drie soorten mammoeten: de zuidelijke mammoet, de steppenmammoet en de wolharige mammoet. De steppenmammoet was het grootst. Deze kon wel vijf meter hoog worden. De wolharige mammoet was de kleinste. Deze werd drie meter hoog. Alle mammoeten hadden een dikke vetlaag onder de huid tegen de kou. Ook hadden ze kleine oren die niet konden bevriezen.