
De dammen van de Deltawerken werden gebouwd vanaf drie eilanden. Die eilanden waren door mensen aangelegd. Het werkeiland Neeltje Jans is nu een museum. Je ziet er hoe de Deltawerken gebouwd zijn.
Gevaar door het water
Op 1 februari 1953 was er een heel harde storm. Het was ook springvloed. Dan is het water in de zee extra hoog. De dijken waren niet sterk genoeg en braken. Zeeland en grote delen van Zuid-Holland en Noord-Brabant overstroomden. Er verdronken heel veel mensen en dieren. De dijken werden zo snel mogelijk gerepareerd. Maar er moest meer gebeuren om te zorgen dat er niet weer zo’n grote ramp zou komen. Tussen de eilanden van Zeeland liggen stukken zee. Kijk maar eens op een kaart. Er kwam een plan om die stukken af te sluiten.
Deltawerken
Eerst werden kleine dammen gebouwd. Zo konden de bouwers leren hoe het moest. Ze maakten speciale machines. De grootste dam werd de stormvloedkering in de Oosterschelde. De Oosterschelde kon niet helemaal afgesloten worden. Dat is slecht voor de natuur. Ze maakten daarom een dam die open en dicht kan. Als het heel slecht weer is kan de dam met grote schuiven dicht gemaakt worden. Alle dammen samen zijn de Deltawerken. Het bouwen ervan duurde meer dan twintig jaar.