
Dit meisje kan nog niet zwemmen. Toch blijft ze drijven. Wil je weten hoe dat kan? Lees dan verder.
Drijven of zinken
Iets dat licht is, blijft drijven op het water. Iets dat zwaar is zinkt naar de bodem. Een bal blijft drijven en een steen zinkt. Water bestaat uit deeltjes die iets lichts omhoog duwen. Maar of iets blijft drijven hangt ook van de grootte van het ding af. Maak maar eens een schaaltje van aluminiumfolie. Dat blijft drijven. De bodem van het schaaltje is groot. Er is veel ruimte onder het schaaltje, zodat veel waterdeeltjes het omhoog kunnen duwen. Als je van het aluminium schaaltje een balletje maakt zinkt het. Er kunnen maar weinig waterdeeltjes onder het balletje. Deze waterdeeltjes zijn samen niet sterk genoeg om het balletje omhoog te duwen.
Drijven en duiken
Op zwemles leer je drijven. Dit is best moeilijk. Het lukt maar net. Als je niet kunt zwemmen kun je toch blijven drijven. Je moet dan zorgen dat je iets lichter wordt. Dit kan door een zwemband om te doen. Het water kan je dan makkelijk omhoog duwen. In het water voel je altijd dat het water je omhoog duwt. Het is heel moeilijk om op de bodem van het zwembad te blijven zitten. Als een duiker naar de bodem van de zee wil, moet hij zorgen dat hij zwaar is. Duikers gebruiken daarom vaak een loden gordel.