spacer spacer   spacer spacer
Basisschool spacer Voortgezet Onderwijs spacer MBO en VE spacer Docenten spacer Mediathecarissen
 
visual
Zaden en vruchten
Hier zie je de gevleugelde zaden van de esdoorn. Door de vleugeltjes kan de wind ze ver meedragen.
Nieuwe planten
Planten en bomen maken zaad in hun bloemen. Uit zaad groeien nieuwe planten en bomen.  In elk zaadje zit een nieuw babyplantje. Ook is er wat voedsel voor de eerste groei. De stevige buitenkant beschermt het zaadje tegen kou en water. Een zaadje wacht met ontkiemen tot het écht kan. Het heeft genoeg warmte, lucht en water nodig. Die zijn er alle drie tegelijk in de lente. Het plantje kan dan goed uit het zaadje groeien. Eerst groeien er worteltjes de aarde in. Daardoor kan het zaadje zelf voedsel uit de grond halen. Daarna groeien de eerste blaadjes boven de grond uit.
 
Verspreiding
In elke bloem zitten heel veel zaadjes. Die zaadjes moeten verspreid worden. Ze kunnen niet allemaal op dezelfde plaats groeien. Sommige planten laten hun zaden verspreiden door de wind. Hun zaden hebben een parachute of een vleugel. Andere planten laten hun zaden in een rivier wegdrijven. Er zijn planten die hun zaden laten kleven of klitten. Die zaden plakken aan dieren of mensen vast. Soms zitten zaden in heerlijke vruchten. Dieren en mensen eten die op. Ze poepen de zaden een tijdje later weer uit. Sommige planten laten hun zaaddozen hard openklappen. De zaden springen dan een eind weg.