
Dit is groente van de "koude grond". Het groeit buiten onder de blote hemel.
Plantendelen
Mensen eten elke dag groenten. Dat is gezond en onmisbaar. Groenten zijn de bladeren, stengels of bloemen van planten. Het kunnen ook de bollen of knollen van planten zijn. Mensen laten groenten buiten in de grond groeien. Dat kan in een moestuin of in een akker. De grond moet los zijn en onkruid moet je weghalen. Planten hebben zonlicht, lucht, mest en water nodig. Planten kunnen daar zelf voedsel van maken. Voor zichzelf én voor mensen en dieren. De zaden van een plant kun je bewaren. Daarmee kweek je weer nieuwe groenten.
Tuinbouw
De meeste mensen in Nederland hebben geen moestuin. Zij kopen hun groenten in winkels. Tuinders zorgen voor groenten voor iedereen. Ze verbouwen groenten, kruiden en fruit. In Nederland staan kassen. Dit zijn grote huizen van glas om groenten te verbouwen. Het glas houdt de zonnewarmte langer vast. Ook 's nachts is het licht door lampen. Zo groeien de planten altijd door. De tuinder zorgt voor voldoende lucht, water en mest. Ook let hij goed op ziekten en ongedierte. In kassen is het lekker warm en vochtig. Groenten die het buiten te koud hebben, groeien er ook.