
Een landt met gestrekte poten op een tak. Uilen zien en horen heel goed, vooral in het donker.
Nachtvogel
Een uil is een roofvogel, die ’s nachts jaagt. In Nederland en België is de bosuil de bekendste uil. Je ziet niet vaak uilen, want ze slapen overdag. Ze vallen dan niet op met hun boskleuren. Je hoort een uil eerder dan je hem ziet: oehoe! De uil heeft heel goede ogen en oren. Daardoor kan hij ’s nachts dieren vinden om op te eten. De uil heeft een korte krachtige snavel. Zijn poten zijn ook kort, heel sterk en hebben klauwen. Daarmee vangt hij de dieren die hij opeet: muizen, kleine vogels, kikkers, wormen, vleermuizen.
Uilskuikens
Uilskuikens worden vaak geboren in een holle boom. Ze tikken zich uit hun ei met hun eitand. Moeder uil houdt eieren en kuikens warm. Vader uil jaagt op muizen voor zijn kinderen. Het kuiken dat het actiefst is, krijgt het eerste voer. Dat is meestal het oudste uilskuiken. De andere kuikens blijven meestal kleiner. Als er weinig voedsel is, overleeft tenminste het sterkste kuiken. Soms valt een kuiken van de boomtak bij het nest. Het kan zelf weer omhoogklimmen met zijn snavel en klauwen. De ouders bewaken en voeren hem ondertussen.