
Het is nog dag. De tijger rust. Pas als het donker wordt, gaat hij op pad. Speuren, loeren en sluipen, tot hij iets eetbaars ziet. Dat probeert hij dan te vangen.
Tijger
De tijger is een heel grote kat. Hij heeft een oranjebruine vacht met zwarte strepen. Hij leeft in het wild in Azië, in de bossen. Hij kan twintig jaar oud worden. Hij kan niet zo lang achter elkaar rennen. Maar wel erg hard! De tijger is een zeldzame kat. Hij is namelijk de enige kat die van water houdt. Hij zwemt graag en goed.
Jacht
Tijgers jagen. Dat doen ze ’s nachts. Een tijger kan heel goed zien in het donker. Hij sluipt héél stil van achteren naar zijn
prooi toe. (Een prooi is een dier, waar de tijger op jaagt). Plotseling bespringt hij het dier. De tijger gebruikt zijn sterke klauwen en scherpe tanden. Meestal ontsnapt de prooi. Alleen zwakke en zieke dieren laten zich vangen. Tijgers eten vooral herten en wilde zwijnen.