
Katten zitten graag op hoge plaatsen. Ze kunnen dan de hele omgeving zien. Ze klimmen als de beste omhoog. En natuurlijk ook weer heel voorzichtig naar beneden.
Nieuwsgierig en soepel
Huiskatten hebben een zacht, snel en soepel lichaam. Ze kunnen heel zachtjes lopen. Met groot gemak springen ze op een hoge muur. Een paar keer per dag gaat de kat op ontdekkingstocht. Is alles in de buurt nog zoals het hoort? Met haar snorharen meet ze een smalle opening. Kunnen die er door? Dan kan haar hele lijf er door heen. Soms valt ze van een hoge plaats af. Dan draait ze haar lijf vlug om. Dan komt ze op haar pootjes neer. Zonder hoogtevrees loopt ze over smalle richels of takken.
Gezellig roofdier
Als een kat jou kent, geeft ze kopjes. Ze strijkt langs je benen. Ze is dol op aandacht. Ze komt op schoot zitten en gaat lekker liggen spinnen. Dan maakt ze een snorrend geluid. Je kunt het voelen trillen in haar buik. De kat doet gewoon waar ze zelf zin in heeft. Ze komt en ze gaat. Ze is nieuwsgierig en blijft vaak ’s nachts weg. Ze kan heel goed zien in het donker. Ze laat zich graag verwennen. Het liefst met verse vis zonder graten. Ze vangt soms muizen en vogels. Want het is en blijft een roofdier. Ze is dol op heel lang en vaak slapen. Niet storen alstublieft!