
Een cavia is een vriendelijk en rustig huisdier. Als hij tenminste niet zijn bokkensprongen-uurtje heeft. Cavia's kunnen zes tot acht jaar oud worden. Maar toch werd een Engelse cavia bijna vijftien jaar!
In het wild
Wilde cavia’s zijn bruin. Ze leven in Zuid-Amerika. Ze zoeken holletjes in de heuvels en de bergen. Het moet niet te koud zijn. Cavia’s kunnen goed zien, naar alle kanten tegelijk. Ze zien ook goed in het donker. Een cavia hoort twee keer zo goed als jij. De cavia is kampioen in ruiken. Zo ziet, hoort of ruikt hij gevaar. Door zijn korte pootjes kan hij niet hard rennen. Als er gevaar is, blijft hij doodstil zitten. Misschien ziet de vijand hem dan niet. Cavia’s zijn groepsdieren. Ze geven het alarm aan elkaar door. En ze praten in hun eigen taal.
Huiscavia
Cavia’s voelen zacht en knuffelig aan. Maar ze hebben scherpe en sterke tanden en nagels. Ze zijn lief en rustig en graag bij je. Een cavia kan piepen, fluiten, knorren en gillen. Daarmee probeert hij je iets te vertellen. Bijvoorbeeld dat hij wil eten of rennen. Cavia’s houden niet van sterke geuren. Ze vinden parfum, sigarettenrook en sterke schoonmaakmiddelen vies. Ook schrikken ze van harde geluiden. Ze worden zelfs ziek van altijd lawaai om zich heen. Fel licht is ook vervelend voor ze.