
Dit is zijn bruine beren in Alaska (Noord Amerika). Een moederbeer leert haar bijna volwassen kinderen vissen. Ze wachten tot zalmen door de stroomversnelling omhoog springen. Ze grijpen de zalm met hun klauwen of bek.
Sterk en gevaarlijk
Beren zijn roofdieren met een dikke vacht. Ze zijn enorm sterk en daarom gevaarlijk. Beren hebben grote sterke poten met elk vijf lange klauwen. Die klauwen kunnen ze niet intrekken. Beren kunnen hard rennen, zwemmen én in bomen klimmen. Ook hebben ze scherpe tanden en sterke kaken. Ze kunnen hun eten al van ver ruiken.
Eten en slapen
Beren eten van alles. Planten, gras, vruchten, noten, insecten. Ze zijn dol op zoet, bijvoorbeeld honing. Ze lusten ook dieren, eieren en vis. In de lente, zomer en herfst eten zijn de beren actief. Ze eten bijna de hele dag door. Zo bouwen ze een dikke vetlaag op. In de winter kruipen ze in een hol. Dan rusten ze en slapen tot de lente komt. Ze gebruiken hun vet om van te leven. Bij gevaar worden beren wel wakker tijdens hun winterslaap.