
Om tandarts te worden moet je vijf jaar studeren aan de universiteit. Het is belangrijk dat je netjes en precies kunt werken. En je moet goed met mensen om kunnen gaan.
Twee keer per jaar controle
Je bent vast wel eens bij de tandarts geweest. De meeste mensen laten twee keer per jaar hun tanden en kiezen nakijken. Tandartscontrole heet dat. De tandarts kijkt dan met een spiegeltje en een haakje in je mond. Met het haakje voelt hij of zij aan je tanden en kiezen. Zitten er gaatjes in? Groeit alles goed? Is het tandvlees in orde? Het spiegeltje gebruikt hij om ook achter je kiezen en tanden te kijken. Bij de controle krijg je vaak fluor op de tanden. Fluor beschermt je tanden tegen gaatjes.
De behandeling
Is er iets mis met je gebit? Dan ga je naar de tandarts voor een behandeling. Hij repareert je gebit. Heb je een gaatje dan boort de tandarts dat uit. Daarna vult hij het met een soort klei. De klei laat hij hard worden met een lampje. Ook als je tand afgebroken is door een ongeluk probeert de tandarts dat te repareren. Soms krijg je van de tandarts eerst een verdoving. Je voelt de behandeling dan niet. Het is fijn als de tandarts uitlegt wat hij doet. Je kunt er ook zelf naar vragen. Maar niet met je mond open natuurlijk.